|
De First Great Awakening is de naam die wordt meegegeven aan periode van religieuze opleving in het Noordwesten van de Verenigde Staten in de jaren '20 en '30 van de 18e eeuw.
De opwekking begon vanuit de persoon van Jonathan Edwards, een theoloog en predikant uit Massachusetts, die de nadruk legde op een persoonlijk geloof.
De First Great Awakening beïnvloedde ook het Duitse Piëtisme, en het oplevende evangelicalisme en methodisme in Engeland. In deze periode kreeg het christendom ook voor het eerst onder de zwarte slaven vaste grond.
Op 8 juli 1741 hield Jonathan Edwards een bekend geworden preek over Deut. 32:35: “Zondaren in de handen van een vertoornd God”. Edwards heeft deze aangrijpende preek gehouden in Enfield, op uitnodiging van de plaatselijke predikant, ‘omdat de mensen zo bijzonder ongevoelig waren voor de boodschap van het Evangelie’. De uitwerking van de preek was, dat er, voordat de preek ten einde was, door het gehele gebouw uitroepen als deze werden gehoord: ‘Wat moet ik doen, opdat ik zalig worde? O, ik ga naar de hel! O, wat zal ik doen om Christus te verkrijgen? Gebruike God ook dit gedeelte uit zijn preek om jou met deze mensen te doen bidden: “Geef mij Jezus of ik sterf, want buiten Hem is geen leven!”
|
|
Lees meer...
|
|
Bevrijdingspastoraat is geen obscure hobby |
|
De kerk mag mensen vrijmaken van gebondenheid

Veel christenen worstelen met gebondenheid aan zondige gewoonten, aan angsten en negatieve gedachten. Steeds vaker lijkt er sprake van een occulte belasting. Daarom groeit – ook binnen de traditionele kerken – de aandacht voor ‘de dienst der bevrijding’. Dat hier veel huiver voor bestaat, is begrijpelijk. Maar dat is geen excuus om mensen de vrijheid te onthouden.
Een meisje van 22 komt bij haar predikant, omdat ze last heeft van klopgeesten. Ze weet nog precies wanneer het begonnen is. Haar broer had verkering met een meisje dat ervaring had met het oproepen van geesten. Samen met haar namen ze de proef op de som. En het werkte. Vanaf die bijeenkomst in de slaapkamer is het mis. De geestenwereld blijft haar lastigvallen, zo vertelt ze, met alle negatieve gevolgen van dien. Tweemaal is het meisje naar de dominee geweest om hulp te vragen, maar die weet er niet goed raad mee.
Een uitzondering? Helaas niet, zegt dr. Mart-Jan Paul, hervormd predikant en docent aan de Christelijke Hogeschool Ede (CHE) en de Evangelische Theologische Faculteit te Leuven. Hij krijgt deze verhalen met grote regelmaat te horen. Sinds hij zich midden jaren negentig ging verdiepen in vragen rond demonie, is de stroom aan telefoontjes en e-mails niet opgehouden. Kerkgangers die ervaringen hebben met hekserij, tieners van de jeugdvereniging die glaasje hebben gedraaid en nu geesten horen of zien, pasbekeerde gelovigen die allerlei ervaringen met het occulte hebben opgedaan en een ‘gebondenheid’ aan deze wereld ervaren – en ga zo maar door.
,,De gemiddelde ouderling weet hier absoluut geen raad mee’’, is de ervaring van de predikant, want vaak krijgt hij te horen dat mensen bij hun eigen kerk tevergeefs aankloppen om hulp. ,,Of mensen zeggen: dat hoef ik mijn ambtsdragers niet eens te vragen, want bij ons hebben ze daar toch geen verstand van. Wat ik me overigens ook wel kan voorstellen, want het gaat meer dan eens om behoorlijk ingewikkelde zaken. Maar anderen die het wel bij de eigen kerk probeerden, kregen nul op het rekest.’’
|
|

Door: John Kamphuis
Inleiding
De Heere roept ons op de geesten te beproeven of zij uit God zijn (1 Joh. 4:1). Waarom? De tekst vervolgt: “Want vele valse profeten zijn uitgegaan in de wereld.” Johannes schrijft over hen: “Zij zijn uit de wereld; daarom spreken zij uit de wereld, en de wereld hoort hen” (1 Joh. 4:5). Ook Mattheüs roept op tot waakzaamheid: “Maar wacht u van de valse profeten, dewelke in schaapskleren tot u komen, maar van binnen zijn zij grijpende wolven” (Matth. 7:15). De Heilige Schrift staat vol met waarschuwingen om Gods kinderen op het rechte pad te houden. Door de vijand te lokaliseren en effectief de wapenrusting (Ef. 6) te gebruiken, zal de stelende, slachtende en verdervende dief (Joh. 10:10a) het niet kunnen beletten dat de schapen van de goede Herder het overvloedige leven mislopen (Joh. 10:10b).
“Ja”, zegt u, “maar hoe kan ik weten dat ik met een wolf in schaapskleren te maken heb?” Kijk naar wat hij eet! Een wolf eet geen schapenvoedsel, hij eet alleen maar geld, eer en roem. Daarbij: valse profeten zullen je altijd een woord brengen. Ware profeten zullen je altijd hét Woord brengen. Dat zijn in ieder geval twee toetsingskaders waardoor je vrij eenvoudig het koren van kaf kunt scheiden.
|
|
Lees meer...
|
|
Een woeste God in een vrouwelijke cultuur |
Onze Krijger in de hemel
God wordt in de Bijbel meestal afgeschilderd als man. Wat zegt dat over Hem – en over de man als beelddrager van deze God? Het leukste van de dierentuin zijn niet de dieren. Het leukste is het klimrek. De enige plek waar je zélf aap kunt zijn. En het allerleukste is je moeder op stang jagen met enge trucjes bovenin. ,,Kijk mam, wat ik kan! Op de kop bungelen aan één been! Kijk eens hoe gevaarlijk, mama!’’ Het gebruikelijke tafereel bij een speeltuin. Moeder pepert de kinderen eindeloos in om maar voorzichtig te zijn en houdt daarna voortdurend haar handen voor haar mond. Vader zit er grijnzend bij, onderuitgezakt, en komt pas in actie als het echt mis dreigt te gaan. Maar dan klautert hij ook meteen helemaal naar boven. Waarom is God een man? Is dat niet vrouwonvriendelijk? Komen daar geen oorlogen van? Het eerste waar ik bij zulke vragen aan denk, is de speeltuin in dierentuin Blijdorp en de vaders en de moeders op de bankjes eromheen. Natuurlijk is God geen man. God is eindeloos verheven boven dergelijke metaforen. Woorden zijn uitermate onbeholpen dingen. We hebben met de Bijbel als het ware één stukje Ministeck. En wat zegt dat over de hele afbeelding? Maar als je íets wilt uitdrukken van God – en de joden ontkwamen daar niet aan – dan kom je al snel uit bij het beeld van een man. God is een vader die ons laat spelen, onbezorgd laat Hij ons vrij, gevaarlijk vrij. Maar als het té gevaarlijk wordt, is Hij als eerste boven in het klimrek en geeft Hij alles.
|
569
(2 stemmen, gemiddeld 5.00 van 5)
|

In 1921 ging het zendingechtpaar David en Svea Flood, met hun twee jarig zoontje van Zweden naar de toenmalige Belgische Kongo (Zaïre) in centraal Afrika, Zij ontmoetten daar nog een jong Scandinavisch echtpaar met de naam Erickson. Met zijn vieren zochten zij Gods leiding.
In deze dagen was men gevoelig en toegewijd en bereid om offers te brengen. Ze voelden zich door de Heere geleid om weg te gaan van het zendingsstation, om het evangelie in een afgelegen plaats te gaan brengen.
Dit was een enorme stap in het geloof. Bij het dorp N'dolera werden ze verhinderd door de hoofdman, die hen niet toestond om zijn dorp binnen te gaan, uit vrees dat hun afgoden boos zouden worden.
De twee echtparen mochten wel op de bergrand wonen en bouwden daar, op 800 meter afstand hun modder huisjes. Ze baden om een geestelijke doorbraak, maar die kwam niet. Het enige contact wat ze met het dorp hadden was via een jongen, die was toegelaten om twee keer per week kippen en eieren aan hen te verkopen.
Svea Flood, een kort vrouwtje, besloot, dat als dit de enige Afrikaan was tegen wie ze mocht spreken, dat ze dan zou proberen om de jongen naar Jezus te leiden en werkelijk, dat mocht gelukken. Dit was de enige bemoediging.
|
|
Lees meer...
|
|
Adam, vlucht niet weg voor Eva |
|
De vrouwenziel is de enige echte aanvulling op de mannenziel

De vrouw is dé aanvulling op de man. Juist het verschil tussen man en vrouw laat ons tot in het diepst van ons wezen voelen wie we zijn.
De man snapt zichzelf soms niet. Wie is hij? Hoe moet hij zich gedragen? Er wordt nogal wat van hem verwacht. Veel meer dan vroeger moet hij inhoud geven aan zijn bestaan. Toen was hij al een goede man als hij de kost verdiende, zijn vrouw en kinderen niet mishandelde en het geld niet verbraste. Nu is dat te weinig. Hij moet veel meer kunnen. Praten en luisteren, leiden en dienen, afwassen en sporten, beminnen…
De weg naar ons eigen hart is al een gecompliceerde weg. Maar de weg naar het hart van die ander is nog moeilijker te bereiken. Toch draait het hierom in ons leven: niet alleen, maar samen! Dat willen zowel man als vrouw: gehoord worden, opgemerkt worden door de ander, begrepen worden. Dat is een menselijk verlangen dat niet slechts voorbehouden is aan vrouwen.
|
|
|
Hongeren en dorsten naar meer van God |
|
Voordat God Jakob ten volle zegende, testte Hij hoe ernstig Jakob het meende. Hij zei tegen hem: “Laat Mij gaan”, waardoor Hij Jakob toetste of hij tevreden was met wat hij gekregen had of dat hij naar meer verlangde. Het was net zoals Elia Elisa testte aan het eind van zijn leven. Elia zei telkens weer: “Laat mij gaan”, maar Elisa weigerde achter te blijven, en zo kreeg hij een dubbel deel van Elia’s geest (2 Kon. 2). Ook Jezus toetste op dezelfde wijze de twee Emmaüsgangers in Lucas 24:15-31. Toen ze bij hun huis aankwamen, deed Jezus alsof Hij verder wilde gaan. Maar de twee discipelen wilden Hem niet laten gaan, en het gevolg was dat ze een zegen ontvingen. God test ons ook. Hij kan nooit een mens zegenen als die mens zich niet volledig uitstrekt naar het beste van God. We moeten hongeren en dorsten zoals Jakob en zeggen: “Heere, er is meer in het christenleven dan ik tot nu toe ervaren heb. Ik ben niet tevreden. Ik wil Uw hele volheid, wat het ook kost.” Als wij op dat punt aangeland zijn, is het maar een klein stapje naar de volle zegen van God.
Zac Poonen uit India
Bron: www.heartcry.nl
|
|
Het occultisme in de alternatieve genezing. Deel 3 |
|
Klik hier voor deel 1 en 2
De magnetiseur
Dan hebben we de magnetiseur die zich gewoon magnetiseur noemt en zegt: ‘Er is geen hogere macht, het is gewoon energie, wat ik te veel heb breng ik over van mijzelf naar een ander’. Dit zijn de aanhangers van Franz Anton Mesmer met zijn ‘dierlijk magnetisme’. Het maakt niets uit bij wat voor soort magnetiseur u komt, weet u wat de gevolgen zijn van magnetiseren? Als u niet bij een charlatan komt, maar iemand die ‘paranormale gaven’ heeft?
In vele gevallen zal het lichaam genezen, de klacht verdwijnt, maar u betaalt er wél een prijs voor! Er komt occulte overdracht bij de handoplegging! Men wordt occult besmet en een occulte besmetting houdt in dat het volgende zich gaat voordoen:
-
U kunt zelf last krijgen van paranormale verschijnselen.
-
Achteruitgang in het gebedsleven, of een gestoord gebedsleven.
-
Moeilijk vol kunnen houden om de Bijbel regelmatig te lezen, zelfs weerzin tegen de Bijbel kan voorkomen.
-
Een bedekking, verblindding van de waarheid.
-
Psychische klachten zoals: depressies, angst, onrust in het gemoed, concentratieproblemen en slapeloosheid. Dit is geen bangmakerij of napraterij maar een gegeven uit eigen ervaring. Het geestelijk en psychische leven wordt aangetast. Doordat men zich psychisch niet goed voelt belt men b.v. de magnetiseur die toen zo goed geholpen heeft, deze magnetiseur stuurt u voor deze klachten naar een hypnotiseur. Vaak is dit een collega en een goede vriend. Op deze wijze wordt men steeds afhankelijker gemaakt van het occulte circuit, met de daar achter georganiseerde demonische machten. Deze machten trekken zo’n mens steeds meer in hun ban, dat is de opzet van de duisternis, het gáát hen niet om uw welzijn!
De zgn. ‘goede resultaten’ maken dat we niet meer toetsen wat de bron is, een mens wil graag van z’n kwalen af en daar maakt satan graag gebruik van.
Maar in Matthéüs 6:33 staat:
“Maar zoekt eerst het Koninkrijk Gods en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen u toegeworpen worden” Een heel belangrijke tekst in dit verband om te overdenken is Marcus 8:36 waar staat: “Want wat zou het de mens baten zo hij de gehele wereld won, en aan zijn ziel schade leed?”
Ondanks deze raad van de Heere gaan mensen voor hun pijnen en kwaaltjes op consult bij…..de DUIVEL!
Bron: www.heartcry.nl
|
|
Het occultisme in de alternatieve genezing. Deel 1 |
|

Walter en Rianne van der Smitte
In een reeks artikelen gaan we het occultisme in de alternatieve geneeswijze onderzoeken, omdat daar naar mijn mening de meeste misverstanden over bestaan als we het bezien in het licht van de Bijbel. Occultisme en alles wat daarmee samenhangt krijgt in verschillende gemeenten veel aandacht. Ook in verschillende christelijke bladen kunnen we er regelmatig iets over lezen, dit is een goede zaak want voorlichting is onmisbaar. Er zijn vele zonden waardoor we opening geven aan satan in ons leven, maar in de Bijbel (ongeveer 510 plaatsen en in 1240 verzen) waarschuwt de Heere ons voor de zonde van afgoderij en occultisme. Dit doet Hij meer dan voor andere zonden. Dit is natuurlijk ‘niet zomaar’, dat doet de Heere God omdat men door het occultisme regelrecht onder heerschappij van satan komt.
Bijbelse openbaring
De Bijbel is de openbaring omtrent de realiteit van God Zelf. Maar óók een openbaring omtrent de realiteit van satan! De tegenstander van God. De satan is geen mythisch figuur, geen middeleeuws verzinsel, maar een realiteit. Zonder bescherming van onze Heere Jezus Christus, de Overwinnaar, zijn wij een gemakkelijke prooi voor satan. Het belachelijk maken van de waarschuwingen tegen het occultisme, of het bagatelliseren van de waarschuwingen tegen het occultisme zijn succesvolle listen van satan. Ook de houding van ‘We moeten niet te veel aandacht schenken aan de duisternis’ of ‘God beschermt ons wel en daarom wil ik me er niet in verdiepen’ maakt dat wij niet genoeg zijn voorgelicht om de (nieuwe) tactieken van de vijand te onderscheiden, vooral op occult gebied. En dát is juist wat satan wil, hierom lacht hij in zijn vuistje. Onze God en Vader geeft ons echter via Zijn Woord de nodige voorlichting. Veel christenen denken of zeggen: ‘Het is fijner om met de Heere Jezus bezig te zijn en ons te bezinnen op Zijn offer op Golgotha’. Daar hebben ze gelijk in want het is iets groots. Door dat offer heeft Hij voor ons alles overwonnen, we zouden zelf niet zo ver kunnen komen, dat is een geweldige wetenschap. In Hem kunnen we overwinnaar zijn. Het grootste gedeelte van de tijd zullen wij dan ook besteden aan het loven, prijzen en aanbidden van onze Heere en Heiland. Het bidden en danken moet een centrale plaats in ons leven hebben. Hij is onze Koning en Heere, Schepper van hemel en aarde.
Maar door dit alles heen is het toch belangrijk ook het occulte te behandelen omdat de Heere wil dat wij goed toegerust zijn. Wij zullen er in onze tijd steeds meer mee geconfronteerd worden dat mensen, waarvan we houden of anderen in onze omgeving, met het occulte in aanraking komen, gewild of ongewild, bewust of onbewust. Ook zélf kunnen we, in deze tijd van pseudo-religie, ongewild met hulpverleners in aanraking komen die praktijken uitvoeren van de tegenstander. Ook als gelovige kan men risico lopen!
Niet voor niets staat er in de Bijbel:
“Doch de Geest zegt duidelijk, dat in de laatste tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, zich begevende tot verleidende geesten, en leringen der duivelen”. (1 Tim. 4:1)
Wij leven op dit moment in die gevaarlijke tijd, we lezen verder:
“Geliefden, gelooft niet iedere geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn uitgegaan in de wereld”. (1 Joh. 4:1)
We zullen dus alles moeten toetsen dat ons wordt aangeboden in deze tijd zoals de Heere ons in dit gedeelte vraagt, het staat in de Bijbel omdat de Heere God deze problemen allang had voorzien! Met deze waarschuwingen wil Hij ons in Zijn oneindige goedheid en liefde waarschuwen voor de praktijken van de tegenstander, de satan. Dáárom is het zaak dicht bij de Heere en Zijn Woord te blijven en Zijn waarschuwingen niet te licht op te vatten.
Over veel zaken heerst ontstellende onwetendheid, iets waar de satan misbruik van maakt, ook dat staat in de Bijbel want in Hosea 4:6 lezen we: ‘Mijn volk is uitgeroeid, omdat het zonder kennis is’.
De satan háát Bijbelse voorlichting waardoor zijn duister werk aan de kaak wordt gesteld. De Heere God wil dat we goed op de hoogte zijn, we moeten bidden om de gave van onderscheiding van geesten en in het Woord, de Bijbel, lezen. Veel occulte zaken komen in deze tijd op ons af onder een:
1. Wetenschappelijke dekmantel.
2. Religieuze dekmantel.
3. Verblinding door zgn. ‘tekenen, wonderen en vrome gedaanten’ om ons te misleiden.
Zelfs in bepaalde charismatische kringen (w.o. pinkstergemeenten) wordt wel vaak de Bijbel gelezen en de Naam van de Heere Jezus genoemd terwijl er óók gelegenheid is voor valse profeten en zgn. weldoeners. Hier lezen van in Matth. 7:22-23;
“Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Heere, Heere! hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam duivelen uitgeworpen, en in Uw Naam vele krachten gedaan? 23 En dan zal Ik hun openlijk aanzeggen: Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij, die de ongerechtigheid werkt!”
Ik weet dat ik hiermee op gevoelig terrein kom, maar het moet gezegd worden, want de boze is listig.
Bron: www.heartcry.nl
|
|
Het occultisme in de alternatieve genezing. Deel 6 |
601
(1 stem, gemiddeld 1.00 van 5)
|
Homeopathie De ‘grondlegger’ van de homeopathie is de heer Hahnemann (1755 – 1843), hij was vrijmetselaar (occulte leer) en vond de Heere Jezus Christus een aartsdweper. Als we naar de homeopathie kijken zien we héle hoge verdunningen. Zo hoog dat de uitgangsstof niet meer meetbaar is. Verder wordt er een speciaal schudproces gebruikt wanneer men de verdunningen maakt. Ondanks dat de uitgangsstof niet meer te meten is, dus niet meer te vinden is, werken de druppels tóch want de patiënt geneest er door. De inspiratie tot dit nieuwe geneesmiddel ontving Hahnemann niet uit God want hij had een godslasterlijke geest.
|
|
Lees meer...
|
|
God heeft behagen in eerlijkheid |
|
Door Zac Poonen
1. God schept behagen in eerlijke mensen. “Maar als wij in het licht wandelen, zoals Hij in het licht is, hebben wij gemeenschap met elkaar” (1 Joh 1:7). In het licht wandelen betekent voor alles dat we niets voor God verbergen. We vertellen Hem alles, precies zoals het is. Ik ben ervan overtuigt dat de allereerste stap die ons dichter bij God brengt, eerlijkheid is. God heeft een afkeer van hen die niet oprecht zijn. Jezus predikte meer tegen hypocrisie dan tegen wat dan ook. God vraagt niet eerst dat we heilig zijn of volmaakt, maar allereerst eerlijk. Dat is het beginpunt van ware heiliging, en uit deze bron van eerlijkheid komt al het andere voort. En als er één ding voor ons is wat we allemaal kunnen doen, dan is het besluiten om eerlijk te zijn. Belijd daarom uw zonden direct aan God. Noem zondige gedachten niet langer bij mooie namen om ze te verontschuldigen. Zeg niet bijvoorbeeld: “Ik bewonder alleen maar de schoonheid van Gods schepping” als je eigenlijk met lust in je hart naar vrouwen kijkt. Noem boosheid niet langer zoiets als een “rechtvaardige opwelling”. Wij zullen nooit overwinning over zonden leren kennen als wij niet eerlijk worden. En noem nooit zonde een “fout”, omdat het bloed van Jezus u kan reinigen van elke zonde, maar nooit van uw “fouten”!! Hij reinigt nimmer mensen die niet open en eerlijk zijn. Er is alleen hoop voor eerlijke mensen. “Wie zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn” (Spreuken 28:13). Waarom denkt u dat Jezus zei dat er meer hoop voor prostituees en dieven was om het Koninkrijk van God binnen te gaan dan voor de religieuze leiders (Matt. 21:31)? Omdat de prostituees en de dieven geen pretentie hebben heilig te zijn. Vele jonge mensen keren zich af van gemeenten en kerken omdat de gemeenteleden hen de indruk geven dat zij geen strijd kennen. Daarom denken de jongen mensen “dat heilige groepje mensen zal nooit ons probleem kunnen begrijpen”! Als dat waar is van ons, zijn wij op dit punt niet gelijkvormig aan Christus, want Hij trok zondaars aan.
|
|
Lees meer...
|
|
Kuddedier of gezalfde des Heren? |
|

Zijn christelijke mannen vandaag de dag kuddedieren of is aan hen te zien wie zij volgen? Echte mannen, waar vind je ze nog, vraagt Herman Hegger zich af. Kom uit je schommelstoel, bepleit hij.
Door
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.
Een man een man, een woord een woord, luidt het gezegde. Geldt dat ook voor de mannen van nu die zich christen noemen? Of zijn verreweg de meesten van hen slappelingen die gedwee meezeulen met de grote massa? Is er in hen iets te bespeuren van het antwoord op vraag 32 van de Heidelbergse Catechismus: ,,Ik word een christen genoemd omdat ik de zalving van Christus deelachtig ben”?
Gloed
Christus is door de Heilige Geest gezalfd tot een priesterlijke en profetische Koning. Voor de rechterstoel van Pilatus, in het aangezicht van de dood, heeft Hij daarvan getuigenis afgelegd: ,,U zegt dat ik koning ben. Ik ben geboren en naar de wereld gekomen om van de waarheid te getuigen” (Johannes 18:37).
Hoeveel christenmannen stralen iets uit van deze profetische en koninklijke houding? Durven zij openlijk te getuigen: ,,Ik ken Christus met mijn hart en heb Hem onuitsprekelijk lief?’’ Praten de meesten niet klakkeloos de dogma’s na die vanaf hun vroegste jeugd in hun hersens zijn gestampt, maar die nooit hun hart hebben bereikt? Misschien is dit de eigenlijke reden van hun gebrek aan durf: hun hart is helemaal niet vol van Christus, daarom loopt hun mond ook niet over van Hem.
En waar vind je iets van de profetische gloed waarmee Christus de godsdienstige leiders van Israël aanklaagde, omdat die het bevrijdende Evangelie verachtelijk afwezen en in plaats daarvan de torenhoge lasten van hun wetten en wetjes stapelden op de ruggen van hun bange onderhorigen? Wie durft de vervalsers van het Evangelie in onze tijd - die exact hetzelfde doen - aan te klagen zoals we dat lezen in Matteüs 23?
Veel mannen zullen wellicht zeggen: ,,Maar ik kan mijn hart zelf niet vullen met Christus zodat ook bij mij de vonken van het hemelse vuur naar alle kanten spatten. Dat kan alleen de Heilige Geest doen.” Daarin hebben ze gelijk, maar Paulus schrijft wél: ,,Laat de Geest u vervullen” (Efeziërs 5:18). Dat is een duidelijk bevel. En Paulus richt dat niet tot de Heilige Geest: ,,Heilige Geest, vervul de lezers van mijn brief met Uzelf!” Hij richt die oproep tot de lezers, dus ook tot ons.
|
|
|
|
|
|
|
|